|
Donkere wolken pakken zich samen, een dreigende kilte hangt over het land. Wij lijken wel schimmen, van wie wij eens waren, Het einde der tijden; daar zijn wij beland. Gebrek aan vertrouwen vertroebelt ons zicht, we volgen de sporen van zinloos geweld. De blik op oneindig en egogericht, een troostloos bestaan waar vriendschap niet meer telt. Als dat dan de toekomst is, als dat het dan is zijn wij verdwaald in een duisternis waaruit alle licht vervlogen is. In deze tijd van doembeelden groeit een echo van verzet. Maar is dat echt genoeg: Hoop die de wereld redt? Als dit dan de toekomst is, als dit het dan is, klampen wij ons vast in de duisternis waarin liefde onze redding is. |